Incasso

Welke tijdlijnen kent de Europese incasso?

Verwerking incasso-opdrachten core (B2C) scheme

Tijdlijn gewone Europese incasso (D is de dag waarop de betaaltransactie wordt uitgevoerd)

tijdlijn-gewone-europese-incasso

a. Uiterste termijn waarop de debiteur door de incassant geïnformeerd moet zijn over komende transactie, tenzij anders is overeengekomen tussen debiteur en incassant + vroegst mogelijke moment voor de creditbank om transactie aan te bieden bij de debetbank

b. Laatst mogelijke moment waarop de creditbank de transactie aan moet bieden bij de debetbank in geval van éénmalige transactie of de eerste van een reeks van doorlopende transacties

c. Laatst mogelijke moment voor de creditbank om de transactie aan te bieden bij de debetbank in geval van een tweede en volgende transactie in een reeks van doorlopende transacties

d. Laatste dag waarop de debiteur de incasso opdracht kan herroepen

e. Dag waarop de Europese incasso wordt verwerkt bij de debetbank

g. Laatst mogelijk moment voor de debetbank om op eigen initiatief de transactie terug te draaien.

h. Laatst mogelijke moment voor de debiteur om transactie terug te laten draaien.

i. Uiterste termijn waarbinnen een verzoek tot correctie van een onjuiste transactie (geen geldige machtiging) kan worden ingediend door de debetbank bij de bank van de incassant.

j. Een machtiging van die 36 maanden niet is gebruikt vervalt en mag niet meer door de incassant worden gebruikt.

Verwerking incasso-opdrachten B2B scheme

Tijdlijn zakelijke Europese incasso (D is de dag waarop de betaaltransactie wordt uitgevoerd)

tijdlijn-zakelijke-europese-incasso

a. Uiterste termijn waarop de debiteur door de incassant geïnformeerd moet zijn over komende transactie, tenzij anders is overeengekomen tussen debiteur en incassant + vroegst mogelijke moment voor de creditbank om transactie aan te bieden bij de debetbank

e. Dag waarop de Europese incasso wordt verwerkt bij de debetbank

f. Laatst mogelijke moment voor de debetbank om de transactie terug te draaien

i. Uiterste termijn waarbinnen een verzoek tot correctie van een onjuiste transactie (zonder geldige machtiging) kan worden ingrediënt door de debetbank bij de bank van de incassant.

j. Een machtiging die 36 maanden niet is gebruikt vervalt en mag niet meer door de incassant worden gebruikt

• Bron: SEPA Migratieplan Nederland (versie juni 2009)



Enigma Consulting